Tess Merlot: Zangeres, liedjesschrijver, presentatrice en podcastmaakster

Alle muzikale wegen van Tess Merlot leiden naar Frankrijk. De eerste keer dat ze Brel ‘Ne me quitte pas’ hoorde zingen, was ze direct geïntrigeerd. Omdat het zo’n specifiek genre is, dacht ze dat niemand op een Nederlandse chansonnière zat te wachten. Toch toert ze nu volop. Al is Frankrijk het land van haar muzikale dromen en Australië de geboorteplek van haar vriend, Tess keert altijd terug naar Den Haag.

Ze weet nog precies hoe ze als 17-jarige op de grote computer in haar ouderlijk huis het YouTube-filmpje van Jacques Brel opzocht. Haar zangdocent kon Tess van der Zwet – zo luidt haar echte naam – niet motiveren om popnummers in te studeren. Daarom gooide ze het over een andere boeg. Tess mocht kiezen: een nummer in het Frans of het Duits. Met de tekst van ‘Ne me quitte pas’ ging ze naar huis. “Het leek wel of Brel door het scherm direct tegen mij zong,” herinnert ze zich 15 jaar later. “Die getormenteerde blik in de camera, de emotie waarmee hij dit nummer bracht. Het kwam zo binnen, ook al begreep ik niet alles. Dat filmpje heb ik toen wel twintig keer bekeken. Daarna heb ik de tekst helemaal uitgeplozen en ging ik tot op het bot voorbereid naar de volgende zangles.” Ze zong in die tijd in een rockband, maar chansons, dat bleek un amour pour la vie.

Klein genre
“Lange tijd dacht ik dat er niemand zat te wachten op een Nederlandse die Franse chansons zingt behalve ik,” vervolgt ze. “In ons land is het een klein genre en de Franse iconen zijn aan het uitsterven. Het boek ‘Chanson’ dat Bart van Loo tien jaar geleden schreef, bracht verandering. Zijn minicolleges in ‘De Wereld Draait Door’ wakkerden de aandacht voor Franse muziek aan. Wat ook hielp was de populariteit van Stromae en de tweede plek op het Songfestival voor Barbara Pravi in 2021.” Tess combineert het zingen eerst met werken bij het Paard en daarna in de pr. Eind 2021 besluit ze haar baan bij een Haags pr-bureau aan de wilgen te hangen om zich fulltime op de muziek te storten. Een jaar later is haar concertagenda bomvol. Al had de route naar het succes soms bijzondere afslagen.

Je eerste Franse werkervaring was bij Disneyland Parijs. Wat doet een zangeres in een pretpark?
Tess: “Ik heb music management gestudeerd en wilde graag mijn Frans verbeteren. Het idee was om bij een poppodium te gaan werken, maar daarvoor sprak ik de taal nog niet goed genoeg. Disney was plan B. Al moet je weten dat ik een enorme fan ben en alle nummers ken. Met mijn vriend was ik eerder dit jaar in Perth bij de musical Frozen; ik heb zitten huilen. Nu ik zelf nummers schrijf, blijk ik behoorlijk door Disney te zijn gevormd. Dat viel me pas op toen er onlangs een orkestarrangement werd gemaakt voor mijn nummer ‘La Haye’. Eind november speel ik het met het Residentie Orkest in de serie Symphonic Junction in het Paard. Toen ik de bewerking hoorde, sprong mijn Disney-hart op. Heerlijk om met dit geweldige orkest te mogen spelen. Dan kan ik nummers brengen die in kleinere bezetting minder goed overkomen. Ik ben hard aan het studeren op ‘Mathilde’ van Brel, dat is – zacht gezegd – een uitdaging.”

Wanneer begon je eigen nummers te schrijven?
“Tien jaar geleden schreef ik ‘Une passante’, dat kwam onlangs pas uit. In die tijd dacht ik er niet aan om het op te nemen. Later timmerde ik met mijn band Tess et les Moutons al aan de weg en presenteerden we verschillende Franstalige nummers. Corona bracht tijd en contemplatie. Toen eind 2020 mijn eerste eigen single uitkwam, paste ik mijn naam aan. Mijn vriend bedacht Merlot. Door de associatie met wijn, sfeer en merel, een zangvogel, vind ik het goed passen.”

“IK DEEL GRAAG MIJN LIEFDE VOOR HET FRANSE LIED EN DE VERHALEN DIE DAARBIJ HOREN”

Wat is jouw favoriete Haagse ‘chanson’?
“De letterlijke vertaling van chanson is lied. Een definitie ontbreekt, het is een stijl die overal tussenin valt. Ik zie het als een nummer waarbij de tekst diep verankerd is, melancholisch en met een typerende akkoordenprogressie. Veel iconische Nederlandstalige nummers hebben overigens een Franse basis. Denk aan ‘Het Dorp’ van Wim Sonneveld. De mooiste Haagse chanson vind ik ‘In Den Haag is een laan’ van Conny Vandenbos. Van de jonge singer-songwriter Maxine hoorde ik laatst een nieuw nummer op TikTok. Ze zingt: ‘Ik zou willen dat de wereld stopt met draaien. Ik zou willen dat ik meer meemaak met m’n vader.’ Twee kleine zinnetjes maar ze kwamen zo binnen. Ik vind haar fantastisch. Oké, ze is pas 25, maar wie zegt dat je dan niet doorleefd kan zingen. Het gaat om de emotie en de zeggingskracht.”

Deze winter maak je voor Swingin’ Christmas met The Legends een uitstapje buiten de Franse deur. En op 1 januari presenteer je live een speciale Nieuwjaarseditie van jouw podcast Enchanté bij Omroep West.
“De meeste nummers zing ik in het Frans, hoor. Dat gaat me gewoon het beste af. Ik houd enorm van kerst en vind het heerlijk dat we met dit programma in veel theaters in Nederland spelen. We vertellen persoonlijke verhalen en vele kerstklassiekers in het Frans en in het Engels komen voorbij. Ook de podcast Enchanté en andere programma’s voor Omroep West zijn geweldig om te doen. Steeds kan ik mijn liefde voor het Franse lied en de prachtige verhalen die daarbij horen met luisteraars delen.”

En dan verschijnt in maart ook nog je nieuwe album.
“Ja, het kan niet op deze winter. De nieuwe nummers weerspiegelen de levensfase waar ik nu in zit. Thuis is een belangrijk thema. En mijn thuis, dat is Den Haag.”


LA HAYE (2021)
La Haye, tu me fais tant rêver
À d’autres horizons
Au-delà de ta mer glacée
Mais, la Haye, en hiver, en été
Malgré tes cent caprices
Tu as tellement à donner
Je ne peux te quitter

Den Haag, je doet me zó dromen
Over andere horizonten
Ver voorbij je ijskoude zee
Maar Den Haag, of het nu winter of zomer is
Ondanks je honderd grillen
Heb je zoveel te geven
Ik kan je niet verlaten


De Haagse favorieten van Tess

Restaurant:
‘Bistrot Deux la Place – alsof je Parijs binnenstapt. Hier leerde ik pianist Guillaume Marcenac kennen met wie ik het gros van mijn liedjes schrijf.’

Avondje uit:
‘Naar een Franse film in het Filmhuis of Pathé Buitenhof.’

Koffiezaak:
‘Bijna dagelijks ben ik te vinden bij TigerShark.
We kennen de eigenaar goed.’

Winkel:
‘Paagman is voor mij klein Disneyland, daar verveel ik me nooit. Heel mooi hoe het met een gewone boek- winkel begon en zo is uitgegroeid. En Villa Paagman stimuleert veel kinderen om meer te lezen.’

Frankrijk in Den Haag:
‘De Reinkenstraat doet me zo aan Parijs denken. Waar anders vind je twee Franse bakkers op een paar honderd meter van elkaar?’